fbpx

Flankademhaling en puffen

Wanneer je tijdens de ontsluitingsweeën niet meer naar je buik kunt ademen, kun je de flankademhaling toepassen. De buik wordt door de heftige contracties van de baarmoeder hard, waardoor het middenrif niet meer goed omlaag kan bewegen. Je merkt als barende dat je hoog in je borst gaat ademen en minder ontspanning ervaart. Dit wil je niet. De inhoud van de borstkas kan echter wel op een andere manier worden vergroot. Dit kan door tijdens de inademing het middenrif te heffen bij de flanken. Hierdoor verruimt de borstholte zich ter hoogte van de onderste ribben van de ribbenboog naar buiten. Door het plaatsen van je handen op je flanken/ribben kun je deze ademhaling oefenen. Tip!: Zet wat kracht met je handen tegen je ribben aan en adem naar je handen toe.

En waarom puffen we eigenlijk? Is dit een must?

Puffen is een ademhalingstechniek die je kunt toepassen bij zowel de flank- als de buik ademhaling. Het is gericht op het bereiken van een lange uitademing. Het is voor sommige vrouwen een goede techniek om te gebruiken bij heftige weeën en/of bij concentratieproblemen. Het puffen, eventueel gecombineerd met een riedeltje of mantra, helpt om de uitademing lang te houden.

Vooral bij heftige weeën kan het een goede afleidingsmanoeuvre zijn. De inademing vindt bij voorkeur plaats via de neus en de uitademing via de mond met meestal zes korte pufjes gevolgd door een lange puf. Op de maat van puffen kan dan een riedeltje worden verzonnen. B.v. “Deze wee komt nooit meer terug” of “Altijd is kortjakje ziek”.

Het kan ook zijn dat je liever wat korter puft, 4, 5 of 6 keer. Zoek voor jezelf een ritme wat bij je past. En merk je dat het puffen niet nodig is, dan kun je ook prima volstaan met 1 lange uitademing. Zie het puffen als een stukje gereedschap die je meeneemt naar je bevalling.

Groetjes Olga

Bericht delen

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest
Share on print
Share on email